Toen ik voor het eerst buiten video begon te filmen, liep ik al snel tegen een probleem aan: het was prachtig zonnig weer, maar mijn beelden zagen eruit alsof ze door een robotarm waren gemaakt. Geen filmische bewegingsonscherpte, gewoon harde, staccato beweging. De reden? Ik filmde met een veel te korte sluitertijd. De oplossing die ik daarna nooit meer wegliet: een goede ND-filter.
In dit artikel leg ik stap voor stap uit wat een variabele ND-filter doet, waarom het zo belangrijk is voor video, wat de 180-graden regel precies inhoudt en waar je op let bij de aanschaf. Wil je ook weten welke filtermaat je nodig hebt voor jouw objectief? Gebruik dan de tool welk filter past op mijn objectief om direct het juiste formaat te vinden.
Wat is een ND-filter en waarom heb je het nodig?
ND staat voor Neutral Density. Een ND-filter is een grijsfilter dat voor je lens gaat en een deel van het licht wegfiltert zonder de kleurbalans te veranderen. Het is een beetje zoals een zonnebril: het maakt alles donkerder, maar verandert verder niets aan wat je ziet.
Bij fotografie gebruik je een ND-filter bijvoorbeeld om een waterval wazig te fotograferen bij daglicht, of om met een groot diafragma te werken zonder de belichting te bederven. Maar bij video is de toepassing net iets anders en eigenlijk nog fundamenteler.
De 180-graden sluitertijdregel
Voor filmische video geldt een stelregel die al decennia lang wordt gebruikt door filmmakers: de sluitertijd moet het dubbele zijn van je framerate. Als je filmt op 25 frames per seconde, dan moet je sluitertijd 1/50 seconde zijn. Film je op 30 fps, dan gebruik je 1/60 seconde. Dit zorgt voor een bepaalde mate van bewegingsonscherpte per frame, die het menselijk oog gewend is van cinema en televisie. Gebruik je een kortere sluitertijd, dan zien bewegingen er schokkerig en onnatuurlijk uit.
Het probleem is dat 1/50 seconde bij felle belichting veel te lang is. Je camera overbelicht dan sterk, zelfs bij het kleinste diafragma. Je kunt je ISO wel verlagen, maar die gaat op de meeste camera's niet onder ISO 100. En een kleiner diafragma geeft je minder achtergrondvervaging en een andere look. Hier komt de ND-filter om de hoek kijken: die filtert het licht weg zodat je de 180-graden regel kunt toepassen zonder te overbelichten.
Vaste ND-filter of variabele ND-filter?
Er zijn twee soorten ND-filters: vaste en variabele. Een vaste ND-filter heeft een bepaalde sterkte, uitgedrukt in stops. Een ND4-filter filtert 2 stops licht weg, een ND8 filtert 3 stops en een ND64 filtert 6 stops. Wil je meer flexibiliteit, dan moet je meerdere vaste filters aanschaffen of ze combineren. Dat is omslachtig, maar geeft wel de beste beeldkwaliteit.
Een variabele ND-filter (VND) heeft twee polarisatielagen die je ten opzichte van elkaar kunt draaien. Hoe meer je draait, hoe sterker de filterwerking. Dat klinkt ideaal, en voor veel situaties is het dat ook. Je past de sterkte aan zonder van filter te wisselen, wat bij video enorm prettig is. Maar er zijn ook nadelen.
- X-cross effect: Goedkope variabele ND-filters geven bij de maximale filtersterkte een X-vormige verkleuring in het beeld. Dit is een fysiek gevolg van de constructie met twee polarisatielagen.
- Kleurverschuiving: Veel VND-filters, zeker de goedkopere, geven een lichte kleurverschuiving aan de beelden. Dit is vaak in post te corrigeren, maar ideaal is het niet.
- Scherpte: Een VND-filter heeft twee extra glazen elementen in je optische pad, wat de scherpte licht kan verminderen.
- Prijs: Een goede VND van merken als NiSi, Kenko, Hoya of Urth is duurder dan een instapmodel, maar de kwaliteitsverschillen zijn groot.
Wil je een overzicht van beschikbare filters? Bekijk dan alle filters in het assortiment van deze site.
Hoeveel stops heb je nodig?
Dit hangt af van de omstandigheden. Als vuistregel gebruik ik zelf het volgende:
| Situatie | Aanbevolen filtersterkte |
|---|---|
| Bewolkt buiten | ND4 tot ND8 (2 tot 3 stops) |
| Gedeeltelijke bewolking | ND8 tot ND64 (3 tot 6 stops) |
| Volle zon | ND64 tot ND1000 (6 tot 10 stops) |
| Variabele omstandigheden | VND 2-5 stops of VND 6-9 stops |
Een variabele ND-filter dekt doorgaans een bereik van 2 tot 5 stops, of 6 tot 9 stops. Als je in sterk wisselende lichtomstandigheden filmt, is een VND met een breed bereik de meest flexibele keuze. Let er wel op dat je bij het maximale bereik het X-cross effect kunt krijgen: draai de filter dan iets terug en pas eventueel je diafragma of ISO aan.
Praktisch gebruik: hoe werk ik zelf met een VND
Mijn werkwijze buitenshuis is vrij simpel. Ik stel eerst mijn framerate in (ik film meestal op 25fps of 50fps voor slow-motion), daarna stel ik mijn sluitertijd in op het dubbele van de framerate. Vervolgens kies ik het diafragma dat ik wil voor de gewenste achtergrondvervaging. Ten slotte draai ik de VND-filter totdat de belichting klopt. ISO blijft op de basiswaarde, of zo laag mogelijk.
Een goede stabilizer of gimbal in combinatie met een VND geeft je buitenshuis een filmische look die je met een camera zonder filter nauwelijks kunt bereiken. De VND zorgt voor de filmische motion blur, de gimbal voor vloeiende camera-bewegingen.
Wil je dieper ingaan op welke lenzen en behuizingen goed werken voor video? Op de pagina van het Sony E-mount systeem vind je een overzicht van lenzen die populair zijn bij filmmakers en contentmakers. En in de video-pro categorie vind je alle gerelateerde accessoires.
Veelgestelde vragen
Kan ik een ND-filter ook gebruiken bij foto?
Absoluut. Bij fotografie gebruik je een ND-filter bijvoorbeeld om langere sluitertijden te gebruiken bij daglicht, zodat water wazig wordt op de foto of drukke straten leeg lijken. Een vaste ND is hiervoor doorgaans voldoende en goedkoper dan een variabele.
Wat is het X-cross effect bij een variabele ND-filter?
Het X-cross effect is een X-vormige verkleuring die zichtbaar wordt als je een variabele ND-filter tot zijn maximale sterkte draait. Het wordt veroorzaakt door de constructie met twee gepolariseerde glazen lagen. Vermijd dit door de filter iets terug te draaien van het maximum, en compenseer het licht met je diafragma of ISO.
Welk merk variabele ND-filter raad jij aan?
Ik heb goede ervaringen met NiSi en Hoya. Die geven weinig kleurverschuiving en zijn optisch scherp. Voor een goede middenklasse keuze is Kenko ook prima. Vermijd de allergoedkoopste no-name filters: die geven bijna altijd een sterke kleurverschuiving en de optische kwaliteit laat te wensen over.
Heb ik voor elke lens een andere ND-filter nodig?
Dat hangt af van de filtermaten van je lenzen. Lenzen met dezelfde filtermaat kunnen dezelfde filter gebruiken. Als je lenzen verschillende filtermaten hebben, kun je step-up ringen gebruiken om een grotere filter op een kleinere lens te passen. Gebruik de tool welke lens past op mijn camera om de filtermaten van je objectieven te achterhalen.
